Gister was de deadline. De dag waarop ik uiterlijk mijn stukkie moest inleveren bij de redactie. Da’s niet noodzakelijk de dag waarop het hele blad naar de drukker moet, maar als alle artikelen op die allerlaatste dag binnen zouden komen, hebben ze toch een probleempje daar in Haarlem, met eindredactie, opmaak en bladplanning. Al met al willen ze daar per uitgave het werk over een maand kunnen uitsmeren, anders worden er wel erg veel overuren gedraaid aan het einde van een productie.
Dus dat was een geluk bij een ongeluk, dat ik uit ervaring – lang genoeg zelf blaadjes gemaakt – weet dat die deadline altijd nog wel wat rek heeft. Want, zo bleek ’s ochtends toen ik de computers aanzette, het bleek dat internet eruit lag. U kent dat misschien wel, zo’n leuk netwerk thuis met daarin zo’n acht computers, met hier en daar een draadloos routertje om over alle verdiepingen dekking te hebben, de nodige andere kastjes zoals nasjes en bedrade routers, in totaal een vierhonderd meter Unshielded Twisted Pair CAT5- en CAT6-kabel, hier en daar een printer en ergens een heuse ip-camera. Bovendien zijn stukken door mijn schoonbroertje in elkaar gesleuteld en ik heb bij de installatie daarvan niet altijd even goed opgelet. Gelukkig heeft Henk dat soort zaken dan wel in mailtjes gedocumenteerd, maar die moest ik nog altijd downloaden want mijn e-mail staat op een imap-server in de US of A. Tja, zo’n verzameling hard- en software – alsmede de trucs die je toepast – groeit nu eenmaal in de loop der jaren en niet iedereen is zo goed in het up-to-date houden van de documentatie als Henk van de Kamer. Wat heet, ik geef graag toe dat ik een chaoot ben. Maar gisterochtend was ik daar even minder dan trots op… Goed, geen internet, geen e-mail en dus geen column verzenden. Gelukkig deed de telefoon het wel, zodat ik de redactie vast kon waarschuwen en meteen vaststellen dat het dus niet de fysieke lijn was, want isdn en adsl delen een koperdraadje. Het moest dus achter de splitter zitten. Eerst maar even die oude Copperjet resetten, meestal is dat afdoende, eens in de maand of zo loopt daar een buffer over of zoiets. Maar dit keer hielp het niet. En dan vraag je je toch af of dat ledje op dat adsl-modem nu inderdaad oranje moet zijn of toch eigenlijk groen. Op zoek naar de gebruiksaanwijzing, dus! Nu heb ik mijn handboekjes weliswaar niet geordend, maar wel allemaal op een plek. ‘t Zijn er alleen zo vervloekt veel. En na een tijd moest ik vaststellen dat die van de Copperjet er niet bij zat. Niet vreemd, want dat kastje was oorspronkelijk van Lies, toen we samen gingen wonen. Alleen was die druk met cursisten en bovendien, haar manuals liggen niet op een plank voor de greep. Ze suggereerde dat ik misschien beter even op internet kon kijken, de schat…
Geen probleem, want dan check je de status van dat modem toch even via de html-interface? Dat dacht ik ook, om te moeten ontdekken dat het lijstje met ip-nummers van interne apparaten en hun wachtwoorden niet meer klopte. Schoonbroer Henk had onlangs wat vertimmerd en keurig op de mail gezet. De mail waar ik dus niet bij kon zonder internet. Handig, imap, als je elders de spullen wilt kunnen gebruiken. Maar nu even niet. Eerst maar even een broodje dan, even lunchen om te voorkomen dat je als kip zonder kop heen en weer gaat rennen. En meteen nadat ik mijn beide bolletjes met kaas achter de kiezen had, ging de telefoon: mijn lunchafspraak zou met een kwartiertje in het restaurant komen. Jaja, ook Google Calender is ideaal… als je internet hebt. Ik was die afspraak straal vergeten en begon even later dan ook maar aan mijn tweede lunch; een tamelijk uitgebreide zelfs. Om pas twee uur later met een lichte indigestie weer thuis te komen, waar internet het nog steeds niet deed. Ondertussen waren alle kabels dubbel gecheckt en begon ik toch echt te twijfelen. En nou niet allemaal meteen gaan lachen, maar dat was het moment dat ik besloot dan toch maar onze ISP te bellen. Ja, natuurlijk had ik dat eerder moeten doen. Achteraf weet ik dat ook heel goed. Want inderdaad, de algemene telefoonlijn gaf tamelijk omzichtig de boodschap dat wegens technische problemen het kon zijn dat sommige abonnees geen goede internetverbinding zouden kunnen hebben. Mogelijkerwijs.
Goed. De hele ochtend ging verloren aan pogingen een extern probleem op te lossen, waarbij ik moest vaststellen dat ik toch mijn zaakjes niet zo goed op orde heb als ik dacht en ik zonder internet wel erg onthand ben. Cruciale zaken in e-mail waar je niet bij kunt, ontbrekende gebruiksaanwijzingen, agenda buiten bereik. En pas ’s nachts deed de verbinding het weer, toen ik het niet laten kon en even het bed uitsloop om te proberen. Ik lag werkelijk wakker bij de gedachte nog een dag zonder te zitten. En de redactie? Die moest nog langer wachten op deze column. Want ik moest even dringend wat van me af schrijven. Ook om u te waarschuwen: wat doet u, als morgen internet dood blijkt? Of erger nog, uw pc de geest geeft? Hebt u alles wel ergens op papier staan, wat u nodig hebt om weer in de lucht te komen? Ik zelf ga meteen na het mailen van dit stukkie maar eens aan de slag om die papieren reddingsboei samen te stellen. En dit keer stel ik het niet uit!
|